
Roken en handchirurgie
Roken heeft een negatieve invloed op de gezondheid van uw handen en kan het herstel na een letsel of operatie vertragen. Rokers hebben een verhoogd risico op wondproblemen, infecties en een tragere genezing van botbreuken.
Stoppen met roken vóór een geplande handoperatie kan het risico op complicaties verminderen en het herstel bevorderen.
Welke invloed heeft roken op uw handen?
Sigarettenrook bevat verschillende schadelijke stoffen, waaronder nicotine. Nicotine veroorzaakt een vernauwing van de bloedvaten, waardoor er minder bloed en zuurstof naar de weefsels worden aangevoerd.
Vooral de kleine bloedvaatjes in de vingers zijn hiervoor gevoelig. Ook de bloedvoorziening van botten, zenuwen, pezen en spieren kan worden aangetast. Een goede doorbloeding is noodzakelijk voor een vlotte genezing na een letsel of operatie.
Nicotine is niet alleen aanwezig in sigaretten, maar ook in sigaren, pijptabak en veel elektronische sigaretten.
Welke problemen kan roken veroorzaken?
Verminderde doorbloeding
Roken vermindert de bloedtoevoer naar de vingers. Hierdoor kunnen de vingers kouder aanvoelen en kunnen wondjes moeilijker genezen.
Bij patiënten met bestaande vaatproblemen kan roken de klachten aanzienlijk verergeren.
Tragere wondgenezing en verhoogd infectierisico
Rokers hebben ongeveer twee keer zoveel risico op slecht genezende wonden en wondinfecties.
Na een handoperatie kan dit leiden tot een langere herstelperiode, bijkomende wondverzorging of soms een nieuwe operatie.
Tragere genezing van botbreuken
Bij rokers genezen botbreuken vaak trager. In sommige gevallen groeit het bot niet volledig aan elkaar, waardoor een bijkomende operatie noodzakelijk kan zijn.
Dit kan leiden tot langdurige pijn, stijfheid en een langere afwezigheid van het werk of sportactiviteiten.
Verergering van zenuwproblemen
Roken kan zenuwklachten zoals tintelingen, gevoelloosheid en pijn verergeren.
Bij patiënten met het carpaal tunnel syndroom hebben rokers vaak ernstigere klachten en een grotere kans op aanhoudende symptomen na een operatie. Daarnaast hebben rokers tot 6 keer meer kans om het cubitale tunnel syndroom ter hoogte van de elleboog te ontwikkelen.
Ziekte van Dupuytren
De ziekte van Dupuytren is een aandoening waarbij het bindweefsel in de handpalm verdikt en samentrekt, waardoor één of meerdere vingers krom kunnen gaan staan. Deze aandoening komt vaker voor bij rokers dan bij niet-rokers.
Waarom is stoppen met roken belangrijk vóór een handoperatie?
Door te stoppen met roken verbetert de doorbloeding en krijgt het lichaam meer zuurstof om beschadigde weefsels te herstellen.
De bloedtoevoer naar de vingers kan al binnen enkele dagen verbeteren. Andere processen, zoals de wondgenezing, hebben meer tijd nodig om te herstellen.
Daarom wordt aanbevolen om bij een geplande operatie zo vroeg mogelijk te stoppen met roken, bij voorkeur meerdere weken tot maanden vooraf. Ook na de operatie is het belangrijk om niet opnieuw te beginnen met roken, zodat de weefsels voldoende tijd krijgen om te genezen.
Wanneer u onverwacht een operatie moet ondergaan, bijvoorbeeld na een hand- of polsbreuk, blijft het zinvol om onmiddellijk te stoppen met roken.
Wat als u moeite heeft om te stoppen met roken?
Stoppen met roken is niet altijd eenvoudig. Uw huisarts kan u hierbij begeleiden en informeren over mogelijke hulpmiddelen.
In bepaalde gevallen kan uw handchirurg vóór een geplande operatie een bloedonderzoek aanvragen om na te gaan of u recent nicotine heeft gebruikt.
Wordt u binnenkort aan uw hand of pols geopereerd? Bespreek uw rookgedrag vooraf met uw handchirurg. Door tijdig te stoppen met roken kunt u het risico op complicaties verminderen en uw herstel bevorderen.